

De vraag of de Heer Zijn gebed, opdat zij allen één zijn, verhoord is, omdat er zoveel verschillende stromingen zijn en daardoor verdeeldheid ontstaat, is alleen te beantwoorden vanuit Zijn woord.
Ten eerste lezen we 1 Korinthe 3, waar staat:
“En ik, broeders, kon tot u niet spreken als tot geestelijken, maar als tot vleselijken, als tot jonge kinderen in Christus.
2 Ik heb u met melk gevoed, en niet met vaste spijs; want gij vermocht toen nog niet; ja, gij vermoogt ook nu nog niet.
3 Want gij zijt nog vleselijk; want dewijl onder u nijd is, en twist, en tweedracht, zijt gij niet vleselijk, en wandelt gij niet naar den mens?
4 Want als de een zegt: Ik ben van Paulus; en een ander: Ik ben van Apollos; zijt gij niet vleselijk?
5 Wie is dan Paulus, en wie is Apollos, anders dan dienaars, door welke gij geloofd hebt, en dat, gelijk de Heere aan een iegelijk gegeven heeft?
6 Ik heb geplant, Apollos heeft nat gemaakt; maar God heeft den wasdom gegeven.
7 Zo is dan noch hij, die plant, iets, noch hij, die nat maakt, maar God, Die den wasdom geeft.
8 En die plant, en die nat maakt, zijn een; maar een iegelijk zal zijn loon ontvangen naar zijn arbeid.
9 Want wij zijn Gods medearbeiders; Gods akkerwerk, Gods gebouw zijt gij.”
Hier zegt de apostel Paulus dat er verdeeldheid is vanwege hun vleselijke houding en hun honger naar melkvoeding en niet naar vaste spijs. Men heeft ruzie over wat wel en niet mag en welke voorganger ze daarbij hoog houden. Echter, ze zouden moeten opgroeien tot zonen en daarmee vaste voeding tot zich nemen. Dan weet men namelijk dat Hij ons één heeft gemaakt op grond van geloof in Hem.
In Efeze 4 staat zo mooi:
“Een lichaam is het, en een Geest, gelijkerwijs gij ook geroepen zijt tot een hoop uwer roeping;
5 Een Heere, een geloof, een doop,
6 Een God en Vader van allen, Die daar is boven allen, en door allen, en in u allen.”
Het gebed is zeker verhoord: wij die geloven in onze Heer Jezus Christus zijn één lichaam op grond van Zijn geloof. Wij zijn namelijk wederom geboren, uit Geest. Echter, eruit leven is een ander ding.
Vleselijke gelovigen zaaien verdeeldheid vanwege wat wel of niet mag. Zij zijn vaak bezig met aardse dingen. Echter, de oproep is om te zoeken de dingen die boven zijn. En daar, bij de troon der genade, ont-moeten wij elkaar, rustend aan Zijn voeten. Daar laten wij ons onderwijzen uit Zijn woord en niet door menselijke filosofie en theologie.
Onze eenheid is in Hem ☝️. Zijn gebed is verhoord. Echter, de vraag blijft: hoe vul je dit in, als vleselijke houding of Geestelijk?
Daarom zegt Johannes 17:
“Opdat zij allen een zijn, gelijkerwijs Gij, Vader, in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons een zijn; opdat de wereld gelove, dat Gij Mij gezonden hebt.
22 En Ik heb hun de heerlijkheid gegeven, die Gij Mij gegeven hebt; opdat zij een zijn, gelijk als Wij Een zijn;
23 Ik in hen, en Gij in Mij; opdat zij volmaakt zijn in een, en opdat de wereld bekenne, dat Gij Mij gezonden hebt, en hen liefgehad hebt, gelijk Gij Mij liefgehad hebt.”
Daar mogen wij uit leven: wij behoren Hem toe en geen menselijke systemen.